RMI: akkoord over hoofdlijnen
Defensie en de bonden hebben onlangs in het Sectoroverleg Defensie (SOD) een akkoord bereikt over de belangrijkste aspecten van de in het arbeidsvoorwaardenakkoord 2024 afgesproken Regeling Militaire Inzet (RMI). De nieuwe regeling moet er binnen afzienbare tijd voor gaan zorgen dat er een duidelijker rechtspositioneel onderscheid zal zijn tussen de verschillende militaire vormen van inzet en meerdaagse activiteiten zoals genoemd in de Regeling vergoeding voor overwerk, onregelmatigheid, beschikbaarheid en bereikbaarheid (VROB).
De nu nog geldende Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties (VVHO) wordt de komende tijd definitief vervangen door de nieuwe RMI. Het uitgangspunt van de toekomstige regeling is het bieden van een passende financiële compensatie, beloning, goede zorg én rechtspositionele bescherming bij drie gedefinieerde inzetvormen: RMI-1, RMI-2 en RMI-3. Bij RMI-1 gaat het om militaire inzet buiten Nederland in het kader van (vredes)operaties en missies. RMI-2 omvat overige militaire inzet in het buitenland in bijvoorbeeld NAVO- of EU-verband. Militaire inzet in Nederland vormt de derde gedefinieerde inzetvorm.
Inzet
Terwijl een aangewezen missie of operatie het vertrekpunt was van de VVHO, draait het bij de RMI dus om de drie genoemde vormen van inzet. Artikel 3 van de RMI is het allerbelangrijkst. Hierin is vastgelegd dat de minister beoordeelt of er sprake is van een inzet, om welke inzetvorm het gaat en wanneer deze begint en eindigt. Hierbij kan hij bepalen dat de periode voorafgaand aan een vertrek naar het buitenland én de periode na terugkeer in ons land hiervan ook deel uitmaken. In het belang van de operationele inzet kan de minister besluiten om een inzet eerder te laten beginnen of langer te laten voortduren. De RMI houdt ook rekening met aspecten die voor, tijdens en na een inzet van belang kunnen zijn. Zo dient Defensie bij een inzet te voorzien in huisvesting en voeding voor militairen. Zij zullen dankzij de RMI volledig worden ontzorgd. Alleen in uitzonderlijke gevallen moeten zij enkele zaken misschien nog zelf regelen.
Realistische ingangsdatum
Op 10 februari gaan Defensie en de bonden verder met elkaar in gesprek over het zogeheten indelingsdocument. Dit document moet er voor gaan zorgen dat de missies en de operaties die nu in de tabellen van de VVHO zijn opgenomen op een herkenbare manier worden getransformeerd naar de RMI. Samen met Defensie zullen wij ook antwoord proberen te geven op de vraag wanneer de regeling in werking kan treden. Wij streven naar een realistische ingangsdatum, waarbij rekening wordt gehouden met de hiervoor noodzakelijke omzetting van het registratiesysteem van Defensie.